Let op! U belegt buiten AFM-toezicht. Geen vergunning- en prospectusplicht voor deze activiteit.
February 13, 2025
|

Woonminister Keijzer schrapt extra eisen voor bouwen buiten dorp of stad

Minister Mona Keijzer (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) tijdens een debat in de Tweede Kamer over de uitkomsten van de Woontop en de stijging van de huren. Foto: Koen van Weel/ANP

Mona Keijzer stuurde donderdag de aangepaste versie van het voorstel voor de Wet versterking regie volkshuisvesting naar de Tweede Kamer. Zij wil dat het makkelijker wordt om buiten de bebouwde kom te bouwen.

In het kort
- Woonminister Keijzer schrapt de toepassing van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking bij plannen voor bouwen buiten dorp of stad.
- Met haar aanpassingen op het wetsvoorstel om de Rijksoverheid weer ‘regie’ te geven bij woningbouw gaat zij een stap verder dan haar voorganger.
- Per regio moet twee derde van de nieuw te bouwen woningen betaalbaar zijn, waarvan 30% sociaal.

Woonminister Mona Keijzer (BBB) schrapt extra regels voor het bouwen van woningen buiten de bebouwde kom. De zogeheten Ladder voor duurzame verstedelijking, die eist dat overheden altijd eerst kijken of er binnenstedelijk gebouwd kan worden, verdwijnt voor woningbouw. Keijzer denkt dat daardoor bouwen buiten de stad of het dorp sneller gaat.

Dat staat in de aangepaste versie van het voorstel voor de Wet versterking regie volkshuisvesting, die Keijzer donderdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De in 2012 ingevoerde Ladder is een betwist instrument in de ruimtelijke ordening. Hij verplicht overheden bij bouwprojecten met ten minste twaalf woningen te motiveren waarom daar vraag naar is. Ook moet worden toegelicht of het nodig is te bouwen op grond buiten de stad of het dorp, of dat er binnenstedelijk nog voldoende ruimte is.

Vanuit de vastgoedsector klinkt al langer de klacht dat dit het bouwproces vertraagt of zelfs dwarsboomt, terwijl gemeenten en provincies zeggen dat het ongewenste uitbreiding voorkomt.

Volgens het oorspronkelijke wetsvoorstel van Keijzers voorganger Hugo de Jonge (CDA) hoefde de Ladder al niet meer gebruikt te worden voor projecten tot vijftig woningen. Dat zou het makkelijker maken om ‘een straatje erbij’ te bouwen aan randen van steden en dorpen. Keijzer gaat een stap verder door er helemaal mee te stoppen.

Fahid Minhas, directeur bij de branchevereniging voor projectontwikkelaars Neprom, reageert opgetogen. ‘Deze eis leidde tot oneindig lange discussies. Tijd die we beter kunnen steken in het bouwen van woningen.’

Eigen accenten
De Jonge deelde zijn versie van de Wet versterking regie volkshuisvesting al een jaar geleden met de Kamer. Die moest het sluitstuk worden van zijn poging het Rijk weer ‘de regie’ te geven bij de woningbouw. Met de nieuwe wet in de hand zou het kabinet voortaan kunnen sturen op wat, waar, en voor wie wordt gebouwd. Daar hoorde ook de afspraak bij dat twee derde van de nieuwbouw ‘betaalbaar’ moet zijn en dat bezwaarprocedures tegen woningbouwprojecten worden verkort. Keijzer zet nu haar eigen accenten.

Zo breidt zij de mogelijkheid uit om op eigen erf vergunningsvrij een woning te bouwen, mits die bedoeld is voor een familielid in de eerste lijn. De Jonge had al de mogelijkheid opgenomen om voor de eigen ouders zonder vergunning een mantelzorgwoning achter het huis te bouwen.

'Uitrollen achterstandswijken'
Ook regelt het wetsvoorstel dat in elke regio twee derde van alle nieuwbouw ‘betaalbaar’ moet zijn, waarvan 30% sociale huur. Dat betekent maximaal €405.000 voor een koopwoning, tot €1200 per maand voor een middenhuurwoning en maximaal €900 voor een huurhuis in de sociale sector.

Keijzer geeft gemeenten wel enige bewegingsvrijheid bij het bouwen van sociale huurwoningen. Gemeenten met een sociale huurwoningvoorraad die momenteel lager ligt dan het landelijke gemiddelde van 27%, moeten volgens het wetsvoorstel in principe 30% sociale huur bouwen. Bij uitzondering mogen zij hiervan afwijken, bijvoorbeeld als dat beter aansluit bij de behoeften van bewoners of de bestaande woningvoorraad. Deze ontheffing krijgen zij alleen na overleg met omliggende gemeenten en toestemming van de provincie. Want onder de streep moet twee derde van alle nieuwbouw in een regio betaalbaar zijn, waarvan 30% sociale huur.

Het was met name de VVD die hierop aandrong. Kamerlid Peter de Groot vond het idee van De Jonge om alle gemeenten te verplichten toe te groeien naar een aandeel van 30% sociale huur destijds al ‘van de zotte’. Zo zou de minister ‘de achterstandswijken van de toekomst over heel Nederland uitrollen’. Een uitspraak waar De Groot later excuses voor aanbood.

Strengere eisen in Utrecht
Aedes, de koepelorganisatie van woningcorporaties, waarschuwt juist voor al te veel ruimte voor gemeenten om af te wijken van de 30%-eis. Voorzitter Liesbeth Spies wil dat Keijzer duidelijker maakt wie bepaalt of 30% sociale huur ‘niet passend’ is.

Keijzer heeft in het voorstel eveneens opgenomen dat provincies geen hogere eisen mogen stellen aan het aandeel sociale huur in gemeenten. Aanleiding daarvoor is het conflict dat haar voorganger De Jonge had met Zuid-Holland: die provincie zette in op een aandeel van 40% sociale huur in nieuwbouwprojecten.

Gemeenten hebben wél ruimte om hogere betaalbaarheidspercentages in te stellen. Zo streeft de gemeente Utrecht naar een woningbouwprogramma waarin niet twee derde, maar 75% van de woningen ‘betaalbaar’ is. Dat is ‘ongewenst’ in de ogen van Neprom-directeur Minhas. ‘Op deze manier krijg je projecten niet rond gerekend.’ Gemeenten die hogere betaalbaarheidseisen stellen, moeten wat Minhas betreft geen woningbouwsubsidies meer krijgen.

Ander Nieuws